Toezicht en Tuchtrecht

Toezicht en handhaving

Toezicht en handhaving

De deken is toezichthouder zoals bedoeld in artikel 5:11 van de Algemene wet bestuursrecht. De deken houdt toezicht op:

  • de naleving van het bepaalde bij of krachtens de Advocatenwet (art. 45a, eerste lid, Advw);
  • de naleving van het bepaalde bij of krachtens de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (art. 45a, tweede lid Advw jo. art. 24, zesde lid, Wwft).

Toezicht en handhaving hebben tot doel de naleving van wettelijke regels te bevorderen en te waarborgen. Toezicht door de deken bestaat uit het verzamelen van informatie, het analyseren daarvan en interveniëren indien dat noodzakelijk is en is doorgaans de eerste schakel in het handhavingsproces.

Toezicht kan er toe leiden dat de deken een overtreding constateert. Het gaat dan om een gedraging die in strijd is met de geldende regelgeving. De deken bepaalt vervolgens of handhavend wordt opgetreden of niet. Indien de deken besluit om over te gaan tot handhaving kan hij kiezen tussen tuchtrechtelijke handhaving via het indienen van een dekenbezwaar of (in een beperkt aantal gevallen) bestuursrechtelijke handhaving.